Gluren bij de Buren – Ik, EindMaas

Verder kijken dan je neus lang is. Niet verkeerd toch? Daar word je alleen maar wijzer van! Vandaar dat we onze communicatieneus ook eens in andermans zaken willen steken. In deze rubriek aandacht voor opvallende feiten en onbekende verhalen die spelen binnen de andere opleidingen van ons instituut. Zo duikt communicatiestudent Sam Jongenotter deze keer in het leven van de EindMaas, een aquabot gemaakt in het aqualab van RDM.

Door: Sam Jongenotter

Ik ben ontstaan in het hoofd van Jan Scholtens, vermoedelijk ergens in 2013. Zoals dat gaat als mensen een kinderwens hebben, werd ik een paar maanden later geboren. In februari 2014 zag ik het levenslicht, in het Aqualab van RDM. Langzaam ontstond ik, stapje voor stapje, draadje voor draadje, stukje ge-3D-print kunststof voor stukje ge-3D-print kunststof. Met als uiteindelijk doel om de Maas over te steken, althans, in eerste instantie. Later merkte ik dat ik vervormd werd door studenten, om hen iets bij te leren over ons soort.

Daarover gesproken; dat zou ik nog bijna vergeten, mezelf voorstellen. Mijn naam is EindMaas, ik ben een aquabot. Wij aquabots zijn, simpel gezegd, drones voor op het water. Ik ben een natte drone dus, tevens de natte drone voor veel technici en liefhebbers van vaartuigen. De naam EindMaas is een grapje geweest van de mensen die mij gemaakt hebben. Het is een samenvoeging van eindbaas (wat ik ben) en Maas (waarover ik moest varen). Leuk hoor, grapjes, maar ik zit er de rest van mijn leven mee opgescheept. Ze zien me al aankomen bij het uitzendbureau met zo’n naam, de kans op een baan is dan nihil natuurlijk. Niet dat ik op zoek ben naar een baan hoor, voorlopig zit ik prima hier tussen de studenten.
Dit ben ik, EindMaas.

Dagelijks leven
Op dit moment leef en werk ik dus tussen de studenten. We leven samen in een loods aan de RDM-kade in Rotterdam. Onder leiding van Jan voeren de studenten opdrachten uit om ons, de aquabots, bij te schaven en te vervolmaken. De andere aquabots waar ik mee samenleef, zijn Anne, van het gelijknamige liedje en mijn aartsvijand Aftica, een afkorting van het niets verhullende Another fucking thing I can’t afford. Asociaal en buitenproportioneel als je het mij vraagt.

Mijn concullega, Aftica.

Ik zal jullie vertellen hoe het ging toen Aftica en ik voor het eerst de Maas over voeren. Het was donderdag 3 juli 2014, het was een graad of 19 en er waaide een matige wind. Vandaag was de dag waar ik al maanden naar uitkeek, vandaag zou ik de Maas over varen. De zon probeerde door de wolken heen te branden maar slaagde daar niet in. Het sluierende, sluimerende weer zorgde voor rust in mijn hoofd. Ik wist wat mij te doen stond.

Voor iemand wiens leven gebaseerd is op elektriciteit, is te water gaan altijd een spannend moment. Ik wist dat ik volkomen afgesloten was van water, dat hebben alle oefensessies in het water van het Aqualab wel bewezen, maar toch is het een spannend moment.

We zouden beginnen bij de St. Jobshaven en over de Maas zouden we terugvaren naar ons geboortewater, de kade van RDM Campus. Wie het eerste de overkant bereikte werd gekroond tot winnaar van de zesde editie van Imtech Zeeslag.

In dit water heb ik mijn eerste voetstapjes gezet… in figuurlijke zin.

De race
Het moment was daar, nu ging het gebeuren. Klaar voor de start… AF! Daar voeren we, Aftica en ik, als twee duellerende aquabots. Een vrij treffende vergelijking. We waren nog maar net onderweg en toen voelde ik het al, een rampscenario doemde op en ik kon er niks aan doen. Waarom juist nu? Waarom juist ik? Waarom? Een van mijn twee motoren viel uit, luttele minuten nadat we vertrokken waren. Ik kon alleen maar toekijken hoe Aftica de leiding nam en vergrootte, per meter, per seconde. Ik bleef achter terwijl de golven van de Maas mij lieten dansen op hun tempo. De andere boten klonken als een metrum dat op de achtergrond de seconden lieten tikken. Het zoeven van de wind klonk harder bij elke meter die mijn vermoeide lijf ervoer. Ik kwam aan bij RDM, waar Aftica minuten daarvoor al was geweest. Hij won, ik verloor.

De nasleep
Pas toen ik weer een beetje was bekomen, hoorde ik dat het niet veel had gescheeld of Aftica had de overkant nooit gehaald. Aftica bleek namelijk te kampen met een lekkage, een lekkage die ervoor zorgde dat hij zich ternauwernood staande wist te houden. Hoewel ik daarmee niet de eerste plek in handen kreeg, voelde het toch als een morele overwinning. Het had maar net anders hoeven te lopen of onze vriend had opgedoken moeten worden op de bodem van de Maas! Aftica, het incontinente scheepje.

De toekomst
Op dit moment ben ik in volledige transitie. Studenten sleutelen zich een ongeluk om mij te optimaliseren voor opdrachten waarin ik de hoofdrol speel. Voorlopig zie ik mezelf hier nog niet weggaan, maar wie weet hoe snel het kan gaan als een mooie kans in het buitenland zich voordoet? Varen over de Theems of over de Mississippi, dat zijn dingen waar je als jong scheepje alleen maar van kan dromen. Nat dromen, welteverstaan.

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.